Pressure cooker moeder

In plaats van dat ik naar Gambia ben geweest was Gambia 2 maanden bij mij. In de vorm van Sosseh Cham, de oudste zoon van mijn goede vriend en broer Tamsir.

Sosseh doet zijn masters Bedrijfskunde in Rome en af en toe hadden we contact via WhatsApp. Op een dag belt hij mij dat hij een Erasmus beurs kan krijgen, dat betekent een half jaar in een andere Europese stad studeren. De Radboud universiteit staat ook op het lijstje. Ik had inmiddels via zijn vader begrepen dat hij heel krap bij kas zit en een half jaar in Nijmegen studeren en bij mij logeren zou veel geld schelen. Daarnaast logeer ik al jaren regelmatig bij de familie Cham, mijn familie in Gambia. Mijn voorstel: kies maar voor het Radboud en je kunt bij mij wonen.

Een week later blijkt dat de plaatsen in Nijmegen al vergeven zijn en Sosseh kiest voor Berlijn. Dan belt hij weer en ik kan nu niet meer na vertellen hoe het idee ontstond, ineens was het er. Hij komt 2 maanden in de zomer bij mij logeren en gaat hier werken om geld te verdienen voor zijn tweede studiejaar.

Met Pinksteren is hij een weekend bij mij voor een al eerder gepland gezelligheidsbezoekje. De eerste dag vertelt hij hoe hij elke dag gediscrimineerd wordt in Rome, van hoe weinig geld hij leeft en dat hij een bed deelt met een Ghanese student in de hal achter een gordijn van een klein appartement waar nog 2 andere Ghanese studenten wonen. Ik lig er een nacht van wakker. Is dit Europa? Is dit 2019? Wat kan ik doen?

En daarmee is mijn gevoel van verantwoordelijkheid voor hem geboren. Uitzoeken wat voor werk hij hier mag/kan doen. Na wat telefoontjes met de belastingdienst en de IDN is er een officieel antwoord: hij mag niet werken in Nederland, ook mag hij dat wel in Italië. Hoezo Schengen? Dan plan B: klusjes doen bij vrienden en bekenden. Samen maken we een mail aan hen en al gauw komt er allerlei werk los. So far so good.

Begin juli komt Sosseh naar Nederland. Tussen mijn werk in het buitenland en vakantie door doe ik een introductierondje met hem zodat hij weet waar hij naar toe moet voor zijn klussen. En hij gaat natuurlijk mee naar familiefeestjes en visites. Na zo’n bezoekje bij mijn broer zegt hij tegen Carel en mij: jullie vertellen echt alles aan elkaar he! Totale verbazing bij hem. We hebben het erover, hoe fijn het is om zorgen en de goede dingen te delen, hoe dat kan helpen voor jezelf en voor anderen. Ik vraag hem of er iets is waar hij mee zit en wat hij nog nooit heeft gedeeld. 

En dan is het of er een bom barst, of een zware last naar buiten mag komen. Hij vertelt hoe verantwoordelijk hij zich voelt voor zijn familie. Omdat hij de oudste is. Omdat zijn vader een beroep op hem heeft gedaan toen hij heel erg ziek was. Door zijn bankboekje aan hem te overhandigen en te vragen of hij voor de familie kan zorgen. Een familie van 9 directe familieleden en nog veel meer mensen die ook afhankelijk zijn van deze familie. Een bankboekje met nog geen €2000 er op. Genoeg voor hooguit 3 maanden leven. 

Zijn vader heeft de TBC overleefd, de last op de schouders van Sosseh is gebleven. Hij voelt hoe de anderen naar hem op kijken, van hem verwachten dat hij het gaat maken in het leven. En daarom moet die studie lukken. En hij is de energie er voor ergens in Rome kwijtgeraakt. Ineens zit daar een jongen van 27 die het allemaal niet meer weet, huilend, bang om te falen en teleurgesteld in zichzelf.

Wat te doen? Ik wil het graag voor hem oplossen, weet dat ik dat niet kan en voel me nog meer verantwoordelijk voor het halen van het budget dat we hebben gesteld (dus nog meer klussen zoeken), voor het halen van de twee examens die hij nog moet doen, voor zijn plezier hier in Nijmegen (dat hij maar niet gediscrimineerd wordt zoals in Rome), voor het regelen van zijn verblijfspermit en studiebeurs, voor het vinden van een kamer in Berlijn…. Ik ga me gedragen als een overbezorgde bemoeizieke moeder. Ik voel dat dat niet klopt en ik kan het niet laten.

Er gebeurt van alles in de weken dat hij in Nijmegen is. Ik kan er een heel boek over schrijven. En vanuit deze situatie leer ik veel, vooral over mijzelf. Hoe drammerig ik kan zijn, hoe graag ik wil dat een ander het doet zoals ik het bedacht heb, hoe gehecht ik ben aan de Nederlandse cultuur, hoe anders de Gambiaanse cultuur is, hoe veel ik gesteld ben op mijn huis als mijn privédomein, hoeveel energie ik heb om mijn doelen te halen, dat ik veel meer moeder gedrag en gevoel heb dan ik had kunnen denken. Dat soort dingen.

En ik weet ook dat ik niet verantwoordelijk kan zijn voor zijn geluk, dat ik met dit gedrag het omgekeerde bereik.

Op een avond gaan we samen naar de sportschool en daarna een ijsje eten. Het is net voor sluitingstijd en er staat een rij. Voor ons staat een echtpaar waarvan de man in een jolige, aardige bui Sosseh aanspreekt met ‘hi motherfucker’. Ik hoor aan de toon dat hij daar niets verkeerds mee bedoelt, zo’n type die dat tegen iedereen zegt. Bij Sosseh komt het totaal anders binnen. Vanuit zijn innerlijke worsteling die toen op zijn hevigst was wordt hij boos, zonder dat hij het laat zien. De man komt bij ons zitten en vraagt of hij in het AZC woont tegenover de ijssalon. Sosseh zegt ja. Ik denk wat zegt hij nu!? Ze praten wat door en ik wacht op het moment dat Sosseh zegt, “nee joh ik woon bij Annet”. Dat doet hij niet. Ik zeg niets omdat we hadden afgesproken dat ik me niet meer zou bemoeien met wat hij doet. Aan de oppervlakte hebben ze een aardig gesprek. Sosseh uit dat hij het geen stijl vond dat hij dat woord gebruikte en geeft hem wel zijn nummer om nog een keer iets af te spreken. De man wil hem graag helpen, met bijvoorbeeld de Nederlandse taal.

Op de fiets naar huis vraag ik Sosseh waar dit over ging, iets vertellen wat niet waar is en dat volhouden. Hij vertelt dat hij boos was op die man, dat hij diep geraakt is, dat hij nu eens niet die aardige jongen wilde zijn die hij altijd is. En dan word ik boos, geïrriteerd over zijn gedrag, dat hij een spelletje speelt en niet trouw is aan waar hij normaal voor staat. Thuis gooi ik dat er allemaal uit en nog veel meer. Dat ik op mijn tenen loop om het hem naar zijn zin te maken, dat ik me erger aan zijn passieve gedrag (lang uitslapen, te laat komen, niet studeren en daar over liegen, zichzelf verloochenen). Zoals dat bij mij gaat komen daar aardig wat emoties mee naar buiten. Hij schrikt ervan. 

Dit is wat we allebei niet willen. We hebben vervolgens een diepgaand fijn gesprek. Het klaart de lucht. De verantwoordelijkheden komen weer op de juiste plaats te liggen. En dat is voelbaar in de 2 weken die we daarna nog ‘samenwonen’. We hebben lol in de keuken als we samen koken, hij maakt zijn beslissingen over zijn examens en Berlijn. Ik blijf zijn accountant maar op een praktisch niveau zonder vragen en meningen over zijn inkomsten en uitgaven. En ik mag gewoon vragen hoe het met zijn studeren gaat, zonder lading. We zijn een geolied team geworden. Alles is oké. 

Op de avond voor zijn vertrek houden we een ‘thanksgiving’ avond voor alle mensen waar hij gewerkt heeft en voor mijn familie en vriendinnen die ook op allerlei manieren bijgedragen hebben aan zijn verblijf hier en straks in Berlijn. Sosseh houdt een hele bijzondere speech, vanuit zijn hart bedankt hij mij en ik kon het helemaal ontvangen. 

De volgende dag is hij met vertrouwen in zichzelf en in de toekomst teruggegaan naar Rome. Zijn examens heeft hij niet gehaald, zonder teleurstelling van wie dan ook. Wel heeft hij alles kunnen regelen voor zijn permit en beurs. In Berlijn heeft hij binnen een week een woonplek gevonden, zijn kunst van verbinden en communiceren zullen er altijd zijn, hij is er mee geboren en kan ze inmiddels ook zelf waarderen.

Ik mocht even zijn moeder zijn en heb in een notendop ondergaan wat andere moeders mee maken. Ik ben hem daar oneindig dankbaar voor.

ijsje eten….
aan de studie
Thanksgiving, luisterend naar de speech
de speech

10 thoughts on “Pressure cooker moeder

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *